21 February 2009

deel 1

Onder aandringen van tata Marie (ge moet alles opschrijven, want anders zijt ge het direct vergeten), de kersverse franse surrogaat-oma van Aini, hier mijn relaas over de afgelopen, allereerste week in Ivoorkust. Om zo weinig mogelijk over te slaan zal ik chronologisch proberen te vertellen...

Arrival and departure (a story of travelling alone with a small child)
Na het afscheid van de Nunna in Zaventem, was ons Ainike precies een beetje beteuderd. Wat goed uitkwam, want daardoor wou ze dus wel in haar pousette (die ik wegens teveel kilo’s dan toch maar niet heb ingecheckt), of toch tot aan de terminal, vanaf daar heb ik haar moeten dragen. Zo, baby dragend en pousette met heup en een hand voortduwend kwam ik dus aan terminal T, waar ge uw ticket nog s moet tonen. Wist ik veel... Ikke dus bij het aanzien van diene gast in zijn glazen kotteke, in mijn penibele, eenhandige toestand mijn paspoort aan het zoeken, terwijl diene vent mij zo beziet van: maak is voort, zielepoot! Wanneer ik dan eindelijk mijn hachelijk paspoort-maneuvre had uitgevoert zegt die kerel doodleuk dat m alleen mijn ticket moet zien... rebelotte!
Uiteindelijk toch aan de gate gekomen, blijkt dat daar veel te weinig stoelen zijn en dat die bijna allemaal ingenomen waren (en ge moet niet denken dat er ook maar iemand spontaan opstaat bij het zien van een moeder met baby + pousette + handbaggage, die overduidelijk aan t sukkelen is. Dan toch een stoel gevonden.
Dan was het zover: boarding-time... Gelukkig mogen businessclass en gezinnen met jonge kinderen wel voor (maar dan slagen der nog mensen in om u voorbij te steken, zelfs al hebt ge ondertussen uw tickets en uw pas in uw mond moeten steken, bij gebrek een vrije handen, en zijt ge aan t vechten om uw kind niet te laten vallen en tegelijkertijd een vulkaan van kleren en sjaals te beletten uit te barsten). Eens de ticketcontrole gepasseerd, slaagt diene sjaal er natuurlijk in zich vast te draaien in t achterwiel van die pousette. Terwijl ik de buggy terug rijklaar maakte, werd ik gedepasseerd door een hele hoop mensen die blijkbaar denken dat die ene seconde die ze rapper op het vliegtuig zijn ervoor gaat zorgen dat ze de hoofdprijs winnen (vraag mij nog altijd af wat die prijs dan wel is, aangezien dat vliegtuig der niet rapper van gaat vliegen en er vaste plaatsen zijn – t is nog altijd niet Ryanair!) En toen ik dan eindelijk bij dat vliegtuig kwam, gegeneerd, gefrustreerd en teleurgesteld in de mensheid, moest ik dan nog bijna moord en brand schreeuwen om iemand de klein te laten vasthouden, zodat ik de pousette kon opplooien.
Iets meer dab zes uur later was ik dan eindelijk in Abidjan, waar ons familietje na een maand herenigd zou worden. De vlucht was zeer vlotjes verlopen, ze was niet volzet en dusdanig kon in op een plaatsje gaan zitten waar Aini in een bassinetje kon – zeer handig aangezien ze zo flink alleen zat te spelen en ik mijn eten op mijn gemak kon opeten. Ik had zelfs twee plaatsen voor mij alleen en kon dus lekker expansief zijn. Aini kreeg zelfs speelgoed en een kweeniehoecute slabbeke van de stewards.
Eens in Abidjan stond er ne kerel op mij te wachten die ons vlotjes door de paspoortcontrole geloodsd heeft (waar ik wel op mijne kop kreeg omdat ik voor Aini geen kaartje had ingevuld, maar na even dom blond europeaantje te spelen, gaf die madam van de douane dat al heel snel op... wie zegt dat blond zijn geen voordelen heeft is zot!). Na nog even wachten op de vier stuks baggage en de pousette (had ik even schrik dat ze die in Brussel vergeten waren zeg! Normaal krijgt ge dat meteen als ge uitstapt, maar hier zeiden ze me dat op te halen aan de band en dat bleef maar duren!!!), en een aanrijding met een man die blijkbaar zeer gepresseerd was om Abidjan binnen te stappen, was het moment van de reunie aangebroken. Bij het buitenkomen zag Ainitje haar papa al meteen opspringen van geluk en dat werkt blijkbaar aanstekelijk, want ook zij begon met haar handjes te zwaaien en te lachen in haar pousette.

Tot zover het vlieg-verhaal, wat dus bewijst dat alleen reizen met een kind van jonge leeftijd zeer gemakkelijkj is en ten zeerste aan te raden, dit vooral aangezien uw medepassagiers alsook het luchthavenpersoneel vol medeleven zijn en graag een handje toesteken!

Abidjan (on how there is no comparison whatsoever between Abidjan and Douala)
Eens uit de luchthaven begon het daar te onweren van jewelste. Regen viel met bakken uit de lucht en de bliksem sloeg in op luttele meters van de wagen, en dat terwijl het al een ganse maand geen druppel meer had geregend.
Aini heeft een tijdje geleden ’dada’ leren zeggen, met bijpassende handgebaar en al, en tegenwoordig begint ze dat ook te doen als ze nieuwe dingen ziet. Ge kunt u dus voorstellen dat ze de ganse weg van de luchthaven naar de Novotel tegen alles ‘dada’ zei.
Als je Douala gewoon bent is Abidjan inderdaad een verademing. De luchthaven is proper en professioneel, de wegen breed en proper. Het is er helemaal niet zo’n mierennest en er staan niet overal barakken. Er zijn zelfs heuse winkels en shoppingcenters en gebouwen die de twee etages overstijgen. Het was al vrij donker en we waren stikkapot toen we toekwamen, dus hebben we gewoon roomservice besteld en zijn meteen in ons bed gekropen, om er de volgende ochtend bij het krieken van de dag weer uit te rollen.

Almost there (after reaching Abidjan, there’s another one-hour flight and an hour’s worth of driving to get where we are)
Het is alsof je de teletijdsmachine terug naar de seventees neemt, wanneer je op het kleine vliegtuigje stapt dat je naar San Pedro zoemt. (zoemen is een zware understatement, want je kan geneens een conversatie voeren met je buur) Aini vond het alleszins zeer rustgevend en heeft de ganse weg liggen slapen in mijn arm, ikzelf heb besloten dat ik beter volgende keer een grote zonnebril, een flaphoed en een wit katoenen seventees kleed aandoe, om in stijl met het vliegtuig te blijven. Wij zijn helemaal vooraan gaan zitten (anders heb je blijkbaar last van de naftgeur). Het voordeel daar is dat ge altijd de piloot kunt kittelen, moest ge u vervelen.
San Pedro airport is de karrikatuur van wat ge verwacht van een afrikaans klein luchthaventje, het miste enkel een slapende dronkaard, de pastoor in zwarte soutane om u te verwelkomen en een paar tienjarige meisjes die spontaan een danske beginnen doen elke keer er een vliegtuigje land. Weer even wachten op baggage (we hadden trouwens 40 kg overgewicht moeten betalen, aangezien David ook zijn frigobox had gevuld in Abidjan, en dan hebben we nog op een sluwe manier kunnen vermijden dat ze de pousette wogen).

1 comment: